Humorvolle presentatie over de combinatie ouders & geluk. Echtpaar bespreekt 4 taboes waar je het als ouders nooit over hebt en waarom dat beter zou zijn om dat wel te doen. Aanrader.
-
Laatste berichten
Recente reacties
- Jolanda op Contact
- Lex Hupe op Ultiem
- Michelle op 7 oktober 2011: Hogeschool Leiden
- Annelies Mourik op Contact
- assyke op Van muggen en olifanten
Twitter Updates
- @kusjevanrosa kom je ipod maar even beneden brengen dan ;-p #nugaikecht 22 hours ago
- @sander_louis zou je via @vocaliciousnl moeten kunnen krijgen maar mail gerust als dat niet lukt. Heb nog wel de opzet liggen denk ik. 1 day ago
- @Dorien_tweets ja ik dacht er zijn allerlei cursussen omgaan met lastige ouders maar hoe ouders leren omgaan met hulpverleners zie je niet 1 day ago
- Mag in de #autismeweek bij Reinaerde voor #ouders lezing geven over omgaan met hulpverleners.Tegenhanger cursus omgaan met lastige ouders ;) 2 days ago
- @sander_louis leuke serie over dirigeren en leiderschap. Met @vocaliciousnl succesvolle workshop voor @deBaak ontwikkeld daarover #boeiend 2 days ago
- herijken onderzoek oefenen gewoontes lezing ijskastmoeder grootouders rituelen ouders familie grenzen autisme reflectie autismecafé buren afstemmen onzekerheid opvoedstijlen spiegel kinderen vaardigheden verantwoordelijkheid ballen in de lucht ontwikkeling chaos goede moeder verwachtingen timemanagement gezin netwerk knopen doorhakken uithouden liefde onmacht verhuizen loslaten vertrouwen verantwoordelijkheidsgevoel opvoeden herinneringen cursus macht verbinding gedicht twijfel
Boekenhonger?
Archief
- februari 2012
- januari 2012
- december 2011
- oktober 2011
- september 2011
- juli 2011
- april 2011
- maart 2011
- februari 2011
- januari 2011
- oktober 2010
- augustus 2010
- juni 2010
- mei 2010
- maart 2010
- februari 2010
- januari 2010
- november 2009
- oktober 2009
- september 2009
- juli 2009
- juni 2009
- mei 2009
- april 2009
- maart 2009
- februari 2009
- januari 2009
- december 2008
- november 2008
- oktober 2008
- september 2008
- juli 2008
- juni 2008
- mei 2008
- april 2008
- maart 2008
- februari 2008
- januari 2008
- december 2007
- november 2007
- oktober 2007
‘Maar zo wil ik het niet. Ik had het me anders voorgesteld!’ Huilend zit ze tegenover me. Met moeite slik ik mijn eigen tranen weg, want o wat is dat herkenbaar. Deze moeder wil helemaal niks geks. Ze wil spelletjes doen, kletsen, knutselen, kneuteren en het samen gezellig maken op een vrije dag. Maar telkens weer draait het uit op ruzie, op gedoe, wil de een niet wat de ander wil en voor ze het weet is ze aan het schipperen en politie-agent spelen en is de knusheid ver te zoeken. Toen ik haar vroeg hoe ze haar verlangen naar gezelligheid op een andere manier vorm kon geven brak ik haar laatste strohalm. Weg is de hoop dat ik haar tips ga geven hoe ze de kinderen gezellig samen kan laten spelen. Haar gezicht is één groot vraagteken want ze kan het zich niet anders voorstellen. ‘Hoe zou het bijvoorbeeld zijn als je man iets met Jikke gaat doen en jij met de meiden? Of andersom.’ En dan wordt haar plots duidelijk met welke verwachtingen ze leeft.
“Ze is ‘s ochtends nog niet met tien stokken uit bed te krijgen. Niet dat ik een stok gebruik hoor maar bij wijze van spreken. Of ik haar nu vijf keer of tien keer roep, het maakt niet uit. Pas op de laatste nipper staat ze op. En ja, dan is het haast-haast en een hoop gemopper. Van haar, van mij – nou lekker begin van de dag, ook goedemorgen.” Haar ogen spuwen vuur, haar mond vertrokken tot een dunne streep. De goedmoedige moeder die bij me binnenstapte is nauwelijks herkenbaar. “Echt, ik heb alles al geprobeerd, maar niks werkt.” Inmiddels is de toon verongelijkt, alsof haar zevenjarige dochter haar groot onrecht aandoet. Dan valt ze stil. Ze leunt verslagen achterover. Zeg jij het maar, spreekt haar lichaamstaal. Dat is altijd een moeilijk moment bij de gesprekken die ik voer. De trukendoos is zó opengetrokken maar het is zelden de oplossing van het probleem waar de ouder mee worstelt.
“Ze huilt best veel en overdag slaapt ze maar drie kwartier, dat had ik me toch anders voorgesteld.” Het kostte me negen jaar geleden best moeite om dat over mijn lippen te krijgen en mijn vriendin antwoordde allerliefst; ‘Joh, dat is een fase waar ze weer overheen groeien. Alles bij kinderen gaat in fases, als je dat maar voor ogen houdt dan is het wel uit te houden.’ Dat hielp wel, een beetje. Maar waar ik écht mee zat is dat ik me schuldig voelde dat ik dat niet stralend kon doorstaan, zo’n huilfase. Ik was bang dat ik als moeder niet genoeg over had voor mijn kinderen. Mijn vriendin suste alle gevoelens van schuld en onbehagen en opende demonstratief de koektrommel ‘hier tast toe, chocoladekoekjes zijn het ideale troostvoer’. Dat was fijn, want daar zijn vriendinnen voor. Die steken je een hart onder de riem als je dat nodig hebt.
Toen mijn oudste moord en brand schreeuwde in de tummytub vroeg ik mij plots af ‘hoe vaak ga ik mijn kind eigenlijk in bad doen? Moet dat echt elke dag en waarom dan?’ Het was de eerste maar zeker niet de laatste keer dat ik voor een keuze werd gesteld die me confronteerde de oorsprong van mijn opvattingen te onderzoeken. Natuurlijk geven opvoedboeken een prettig houvast als je onzeker bent, of kun je de kunst afkijken van je eigen ouders maar soms dat botst met de praktijk. Omdat je het anders wil doen of omdat het niet werkt bij dat ene kind. Wat voor mij vanzelf spreekt wordt bovendien door mijn partner op een andere manier ingevuld, dat was een hele openbaring voor me.
“Overbezorgde moeders maken kinderen onzeker” kopten de kranten laatst. “Afwezige
Wanneer wist jij dat je kinderen wilde? Sommigen weten het al jong, het spelen met poppen geeft ze het overtuigende gevoel dat ze later een gezin met kinderen willen. Prille pubermeisjes die oppassen op de kinderen van de buren kunnen ook zo stellig zijn; ‘zo schattig, ik wil er later vier’ dwepen ze vol overgave. En ik zou de twintigers niet graag de kost geven die vanzelfsprekend kinderen hebben gekregen, omdat het zo ‘hoort’. “Daar dacht je niet bij na” zoals mijn moeder zeggen zou.
‘Kijk, dit is mijn oude school, of eigenlijk was dit juist het nieuwe gebouw. In de derde klas kwamen de jongens erbij op onze meisjesschool.’ Mijn
Mijn jongste rent zich de benen uit het lijf om mij van sapjes, kusjes en tekeningen te voorzien terwijl mijn oudste zich al twee dagen niet laat zien aan mijn griepbed. Nu de ergste koorts wat aan het zakken is vraag ik mijn man om haar naar boven te sturen. Gereserveerd staat ze aan het voeteneinde. Als ik mijn hand uitsteek komt ze aarzelend dichterbij en gaat op de rand van het bed zitten. ‘Ik moest komen. Wat is er?’ vraagt ze nurks. Want Rosa houdt niet van zieke mensen. “Gewoon, ik wou je even zien, ik had je al zolang niet meer gezien, dat is alles.” ‘Oh?’ klinkt het verbaasd en langzaam ontdooit ze een beetje. Zodra ze de kans schoon ziet maakt ze zich uit de voeten maar het lijntje is weer gelegd en daar was het me om te doen.
Het heeft even geduurd maar daar is ze dan, mijn eerste kind. Al die maanden zat het veilig in mijn buik, heb ik braaf sapjes in plaats van alcohol gedronken. Ik stopte op tijd met werken en deed gedwee een middagslaapje. Ik verdroeg het geneuzel van de verloskundige en bereidde me voor op de bevalling met een vage pufcursus. Maar nu is het dus zover, mijn kind is geboren. Een half uur geleden twijfelde ik nog even of het wel een kind zou zijn, ik was al uren aan het werk voor een wezen dat ik nog nooit gezien had. Misschien was het wel een hondje? Het is duidelijk, zwangerschap leidt tot hersenverweking. Ik verman mij, of kun je dat in zo’n situatie niet zeggen, en concentreer me op het laatste stukje. Het is een eitje, jawel nog één flinke duw en hopla daar is ze.