Het gebed | de grootouders

Drie maal per dag, naar vaste wetten, nemen zij de eigen plaatsen in, en gaan zich rond de tafel zetten; van haat eendrachtig: het gezin. De vader heeft het mes geslepen, De kinderen wachten, wit en stil. De moeder houdt haar bord omgrepen, alsof zij het vergruizelen wil. Een grauw: dan vouwen zij de handen, […]

Op zijn knieën

Op zijn knieën graaft een vader voor zijn kinderen een bankje uit het strand. Ze blijven doodstil zitten. Liggend op mijn buik kijk ik naar hoe hij er bij lacht, er van geniet. En verderop zie ik een vrouw aan wie ik zie dat zij hetzelfde in hém ziet. Alles is los zand. Margerite Luitwieler […]

Bij mijn zonen ben ik veilig

Bij mijn zonen ben ik veilig hun boten van papier zinken alleen in helder water hun vliegtuigen hebben een schietstoel geleend van Griekse goden het verdriet slaat een zijstraat in als het ons ziet komen hun knikkers weten altijd waarheen daarvan ben ik aan het leren van klachten vlechten ze liederen van spinnen bewaren ze […]

Mijn dochter en ik

Terwijl ik lees voel ik mijn dochter kijken; ik laat niets merken en lees rustig door. Haar leven doet zich helder aan mij voor: het zal in alles op het mijne lijken. Niets kan ik doen, opdat zij zal bereiken wat ik, amper gevonden, weer verloor; geen vindt van het geluk méér dan een spoor, […]

Vaders

Knuffelen gaat niet zo goed Ze roepen hé joh, je weet het hè, en lezen de krant. Over de rand kijken ze mee hoe je je huiswerk doet of niet. je staat versteld van wat ze weten over de wereld. Meer dan van jou bijvoorbeeld. Vaders zijn zo. Ze laten niets merken tot er iets […]

Autobiografie in vijf hoofdstukken

1) Ik loop door een straat. Er is een diep gat in het trottoir Ik val erin. Ik ben verloren… ik ben radeloos. Het is mijn schuld niet. het duurt eeuwig om een uitweg te vinden. 2) Ik loop door dezelfde straat. Er is een diep gat in het trottoir. Ik doe alsof ik het […]

Juli

Ik ben mijn jongen kwijt goud gaf ik voor geritsel mijn nest zit me te wijd Judith Herzberg (1934)

Men moet geduld hebben

Men moet geduld hebben met het onopgeloste in het hart en proberen de vragen zelf lief te hebben, als ontoegankelijke ruimtes, als boeken, geschreven in volkomen onbekende taal. Wanneer men die vragen leeft, leeft men misschien geleidelijk, zonder het te merken, op een ongewone dag binnen in het antwoord. Rainer Maria Rilke (1875-1926)

Beginnen (2)

Om twintig voor negen verliet ik geruisloos het lichaam Van moeder en keek ik ons aan. Ik zag ons daar allemaal liggen en staan In mijn eerste verblinding. Ik hoorde ons allemaal aan als de stem Van een schaar en ik voelde mijn aanvang Verknipt. Mijn bloedende navel bestreek het schreeuwende centrum Van de wereld […]